De Snoek
De snoek komt in bijna alle soorten water voor, van de grote heldere meren tot de kleinste dichtbegroeide slootjes.
Een volwassen snoek kan wel tot 1 1/2 meter lang worden, met een gewicht tot 15 kilo.
De snoek is een echte roofvis. Hij voedt zich met alle soorten vis, zelfs zijn kleinere soortgenoten zijn niet veilig
voor zijn roofzucht, maar in het algemeen zijn het toch de zieke of zwakke vissen die aan hem ten prooi vallen.
Niet vanwege zijn speciale voorkeur voor deze vissen, maar omdat deze makkelijker door hem zijn te vangen.
Deze eigenschap zorgt ervoor dat de visstand in het water waar de snoek voldoende in voorkomt gezond blijft.
Van maart tot en met april worden de eieren afgezet op dichtbegroeide plaatsen dicht onder het wateroppervlak.
Als na ongeveer 13 dagen de eitjes uitkomen teren de jonge snoekjes nog enige tijd op hun dooierzak. De jonge
snoekjes groeien zeer snel. In het eerste jaar kan hij al 22 cm. groot worden, afhankelijk van de voedsel
omstandigheden. Vanwege hun vroege geboorte en hun snelle groei zijn ze altijd verzekerd van voldoende prooi
Met name in de periode juni t/m oktober als er wat ondieper geverticaalt wordt op snoekbaars worden regelmatig
grote snoeken gevangen
Lengte : max. 150 cm.
Gewicht : max. 15 kilo.
Paaitijd : maart/mei
Aantal eitjes : ongeveer 500.000
Komen uit na : 10/15 dagen